Ze zijn de wegwijzers in het landschap. Vaste bakens waardoor verdwalen onmogelijk wordt. Mooi of lelijk, dat doet er niet toe. Hun verrassende perspectief maakt ze pas echt tot een hoogtepunt. Hier onze top 10.
1. De Lange Jan van Middelburg (90,5 meter)
De vergulde kroon op het hoofd van de Lange Jan, laat er geen twijfel over bestaan. Met zijn 90,5 meter is dit de hoogste toren van Zeeland. De achtkantige toren is onderdeel van een middeleeuws Abdijcomplex in het hart van de stad. Een klim van welgeteld 207 treden wordt beloond met een panorama over de stad en het eiland Walcheren. Met een beetje geluk is het zicht onbegrensd en zijn zelfs de omliggende eilanden te zien.
2. Arsenaaltoren Vlissingen (65 meter)
In het kraaiennest van piratenpark Het Arsenaal speur je vanaf 65 meter hoogte de Westerschelde af. Piraten zul je hoogstwaarschijnlijk niet signaleren, maar de scheepvaartroute voor de kust van Vlissingen staat garant voor een boeiend uitzicht. Hier trekken grote zeeschepen aan je neus voorbij. Bekijk de toren ook eens vanuit een ander perspectief. Op de ronde uitkijkpost staat de doorlopende tekst 'ergens ben ik anders ben ik nergens'. Deze tekst heeft geen begin en geen einde en verwijst naar het eeuwig reizen van de mens over zee. De toren is alleen te beklimmen tijdens een bezoek aan Het Arsenaal.
3. Watertoren Goes (63 meter)
De 'Goese Toren' heeft een reputatie hoog te houden als eerste stalen watertoren in Nederland met een open skelet. In de betonnen kuip zijn inmiddels smalle ramen aangebracht. Het waterbassin werd verbouwd tot 600 m2 kantoorruimte. De lift kruipt omhoog langs de stalen constructie, dat levert een magistraal uitzicht op. Jammer genoeg moet je eerst een goede reden hebben om deze toren te bezoeken.
4. De Dikke Toren van Zierikzee (62 meter)
De Sint Lievens Monstertoren had de respectabele hoogte van 130 meter moeten bereiken. Ondanks de ambitieuze plannen van middeleeuws Zierikzee is de bouw blijven steken bij 62 meter. Inmiddels heeft de toren toch naam gemaakt. Is het niet als hoge toren, dan toch als kort dikkerdje. De Dikke Toren, zoals hij in de volksmond heet, biedt een niet te missen uitzicht over de omgeving. Na 281 treden ben je overigens blij dat ze hem niet hoger hebben gemaakt. De toren is te bezichtigen met een gids tijdens een stadswandeling Zierikzee met torenbeklimming.
5. Watertoren Axel (60,5 meter)
Wie de watertoren van Axel binnenkomt, deinst even terug. Tussen het gewapend beton gaat een iele, houten trap naar boven die je dertig meter hoger op de eerste lekvloer brengt. Daar is wat lef voor nodig. Een groot deel van Zeeuws Vlaanderen was tot 1989 afhankelijk van de Axelse watertoren. Tijdens de wekelijkse wasdag hadden ze het drie hoog wel eens moeilijk, dan kon de watertoren de druk amper op peil houden. Nu doet de reus met zijn groene helm dienst als tentoonstellingsruimte, waarbij het omliggende natuurgebied centraal staat. Vanaf de tweede lekvloer heb je een eindeloos mooi uitzicht over het landschap.
6. Vuurtoren Westkapelle (57 meter)
De Westkappelse toren heeft geen slanke spits met een gouden haantje, maar een knalrood lichthuis. Begin 1800 onderging de kerktoren zijn transformatie tot vuurtoren. De bijbehorende Sint Willibrorduskerk was toen al grotendeels verwoest. Kennelijk was het in 1702 zo'n bouwval dat de klok omlaag stortte. Er leek geen zegen te rusten op het bedehuis, want in 1831 gingen de laatste restanten in vlammen op. De brand was ontstaan in de vuurtoren, waarbij de lichtwachters net op tijd konden ontkomen. Gek genoeg bleef de toren fier overeind. Hij dient tot op de dag van vandaag als baken. Niet alleen voor zeelieden, ook voor de inwoners van Westkapelle die zich pas thuis wanen als ze weer onder 't licht van de toren zijn. Tip: Ontdek Westkapelle tijdens de rondwandeling 'Westkapelle: een dijk van een dorp' in juli of augustus.
7. Vuurtoren Ouddorp (56 meter)
De spits van de kerktoren van Goedereede moest honderden jaren geleden plaatsmaken voor een kolenvuur. Toch bleek de toren vanaf zee niet duidelijk herkenbaar. Een gietijzeren torentje bij Ouddorp moest het licht van Goedereede versterken. In 1912 werd op het Westhoofd bij Ouddorp een nieuwe vuurtoren gebouwd, daarmee kreeg Ouddorp definitief het heft in handen. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd de toren volledig verwoest. De optiek is gered en prijkt nu nog steeds bovenop de vuurtoren van Ameland. Na de oorlog werd een nieuw lichtbaken gebouwd. De vuurtoren van Ouddorp is momenteel een van de weinige bemande vuurtorens in Nederland. De kustwacht houdt er vanaf 56 meter hoogte een oogje in het zeil. De post is uitgerust met radarschermen en geavanceerde zendapparatuur. Stoorzenders zijn daarbij niet welkom, daarom is de toren gesloten voor publiek. Jaarlijks is er wel een vuurtorenconcert waarbij koren samen met een koperensemble een gratis optreden verzorgd.
8. Vuurtoren van Haamstede (50 meter)
De vuurtoren van Haamstede roept bij veel mensen een gevoel van herkenning op. Deze toren sierde jarenlang de bankbiljetten van 250 gulden. Hoewel het om een redelijk vrije interpretatie ging, was het toch onmiskenbaar de toren van Haamstede. Niet voor niets verkoos De Nederlandse Bank juist dit exemplaar. Het is het schoolvoorbeeld van een klassieke vuurtoren. De rode spiraal werd in 1937 aangebracht als waarschuwing voor laagvliegende vliegtuigen. Het licht bevindt zich 58 meter boven zeeniveau en reikt 30 zeemijlen ver. De lantaarn heeft een lichtsterkte van zo'n 5,2 miljoen fietslampjes. Een beklimming van deze toren zit er niet in. Maar aan het bereiken van deze toren gaat al een hele klim vooraf. De vuurtoren ligt namelijk midden in de duinen van Westenschouwen.
9. Duinen van Valkenisse (49 meter)
De 128 traptreden bij duinovergang 9 in Groot-Valkenisse zijn al vaak verwenst door met strandspullen overladen zonaanbidders. Die hebben geen oog meer voor het fantastische uitzicht over zee. Of andersom, over land. Zonde, want hier sta je op de hoogste duinen van Zeeland: 46 meter. Daarom is het beslist de moeite waard om eens een klim te wagen, waarbij het puur om de beklimming gaat. Een mozaïek van akkers en weilanden strekt zich voor je uit. Smaakt dit naar meer? Met de duinen als leidraad wandel je het halve eiland rond....
10. Pijlers van de Deltawerken (40 meter)
Zeeland ligt voor een groot deel op of onder de zeespiegel. In 1953 waren de dijken slecht en laag. De kans op een overstroming was toen 1 x per 80 jaar. Dankzij de stormvloedkering is die kans nu minder dan 1 x per 4.000 jaar. De kering is opgebouwd uit pijlers. Tijdens een bezoek aan Deltapark Neeltje Jans daal je af in het binnenste van zo'n pijler. Echte durfals kunnen ook een beklimming wagen op de reservepijler. Deze pijler ligt in het water en is alleen met een boot te bereiken. Het klimprogramma brengt je over het zadel van de pijler, gevolgd door een abseil van 16 meter. Meer informatie hierover is te vinden op www.zeelandbuitenland.nl.
