Je zit lekker in de zon op een terrasje, bijvoorbeeld aan het Havenpark in Zierikzee, en kijkt eens rond. De geschiedenis van dit stadje, en daarmee van Zeeland, staat letterlijk om je heen.
Er is in Zeeland genoeg geschiedenis te vinden om er vakanties mee te vullen. De oudste stad, Aardenburg, kan tot achtduizend jaar terugrekenen. Maar misschien is het handiger om keuzes te maken. Bijvoorbeeld door te kiezen voor een leuke stadswandeling. Dat kun je doen met een VVV-gids die heel veel interessante details kent. Natuurlijk kun je ook een stadswandeling bij het VVV-kantoor halen om rustig zelf rond te lopen.
Tijdens zo’n stadswandeling zie je hoe rijk Zeeland ooit geweest is. Er is veel van terug te zien in de eeuwenoude monumentale kerken, fraaie koopmanshuizen en rijke stadhuizen. Zeeland was in de 16e en 17e eeuw een belangrijke provincie voor de Nederlanden.
Spanje had dat ook in de gaten en heeft hier destijds flink huisgehouden. Overal zijn nog sporen van de Spaanse overheersing te vinden. Van de restanten van de Staats-Spaanse Linies in Zeeuws-Vlaanderen tot de (vermoedelijke) degen van de Spaanse veldheer Mondragón die als strijdtrofee is bevestigd op het puntje van de Noordhavenpoort in Zierikzee.
Toen de rust was weergekeerd, ontwikkelde Zeeland zich tot een agrarische provincie met hier en daar vissersdorpen. Dat landelijke karakter is nog heel herkenbaar. In de polders liggen vruchtbare akkers naast groene weiden. De moderne vissersvloot haalt nog steeds de vis, schaal- en schelpdieren uit het Zeeuwse water. En in de pittoreske dorpjes lijkt de tijd stil te staan. Een kerk, een grasveld of een ring, lage huisjes; alles ademt een rustige, gemoedelijke sfeer uit.
En dan is er nog het water, vijand (maar soms ook vriend) door de eeuwen heen. Door heel Zeeland vind je daar sporen van terug. Er zijn resten van verdronken dorpen te zien, net als strepen die op huizen aangeven hoe hoog het water ooit stond. De Deltawerken trekken nog steeds toeristen én waterbouwkundigen uit de hele wereld.
