In Zeeland vind je overal water. Dat kan ook bijna niet anders als ruim eenderde van de provincie uit water bestaat. En het is niet zomaar water: Zeeland heeft de zee, zeearmen, meren, kanalen, kreken, welen en natuurlijk het Nationaal Park Oosterschelde. Zeeland is dan ook de watervakantieprovincie bij uitstek en dat hebben al heel veel watersporters ontdekt. Of je nu duiker bent, of sportvisser, surfer of wedstrijdzeiler, er is altijd wel water dat je past.
Neem bijvoorbeeld de Noordzee. Hier kun je fantastisch zeilen, met de motorboot varen of bijvoorbeeld in de branding vissen, surfen of kanoën. Maar net als op de Oosterschelde kan door stroming en wind het rustige water in onverwacht korte tijd veranderen in woeste golven. Je moet dus ervaring hebben. Dat geldt ook voor de Westerschelde met zijn druk bevaren routes. Lange, tengere binnenvaartschepen, maar ook imposante zeereuzen hoog opgeladen met containers varen hier dicht langs je voorbij naar verre bestemmingen.
Nationaal Park Oosterschelde is een bezoekje meer dan waard, zowel onder als boven water. Duikers uit binnen- en buitenland zijn lyrisch over de waterkwaliteit en wat daar allemaal te zien is. Maar ook boven water valt er veel te genieten, tot nieuwsgierige zeehondjes en bruinvissen aan toe. Ook de Grevelingen, het grootste en helderste zoutwatermeer van Europa, is populair. Duikers, zeilers en surfers genieten hier van de ruimte en het kalme water. Niets leuker dan eens een nachtje met een boot aan te meren op een van de eilandjes in dit meer.
Dat kan ook in het Veerse Meer. Maar vergeet de haventjes met de gezellige dorpen niet. Altijd leuk om even boodschappen te doen en een terrasje te pakken. En dan hebben we het nog niet eens gehad over de kanalen, kreken, welen, schorren en slikken. Misschien zijn ze niet allemaal geschikt om te bevaren, maar je vindt hier wel prachtige natuurgebieden met bijzondere planten en dieren. Dat is ook het water in Zeeland.
