Westerschelde

De natuur in het Schelde-estuarium is zeer waardevol en uniek. Langs de Westerschelde liggen heel wat natuurgebieden. Het Verdronken Land van Saeftinghe is een uitgestrekt natuurgebied. Tegen de Belgische grens aan. Het brakke water (een mengeling van zoet en zout) en de getijden vormen er een uitzonderlijk slikken- en schorrengebied.

In slikken vinden vissen een overvloed aan voedsel. Bij de Belgisch-Nederlandse grens leeft vooral haring, bot, tong, paling, zeebaars, spiering en fint. In de Schelde leven ook zeehonden en bruinvissen. Tijdens de trek- en de winterperiode verblijven hier meer dan 150.000 watervogels. Steltlopers, eenden en ganzen. Ze leven ze van de bodemdiertjes.

Bergeenden zijn opmerkelijke gasten in de Westerschelde. Ze verblijven er in de zomer met duizenden. Om hun oude veren voor nieuwe te ruilen. Tijdens deze rui verliezen bergeenden hun vliegvermogen. Ze zijn dan bijzonder kwetsbaar. De Westerschelde is een veilige haven om deze periode door te maken.