Streekprodukten en andere culinaire specialiteiten op Tholen & St.Philipsland

Mosselen: natte landbouw

Zeg je Zeeland dan denk je aan mosselen. Van het vuur, met pan en al op tafel. Even kort koken met wat gesnipperde ui, selderij en wortel en…. smullen maar. Een glaasje witte wijn of een mosselbiertje erbij en het wordt een feestmaal. Dat eenvoud zo lekker kan zijn! Het koken is simpel, er gaat echter heel wat water door de zee voor de mosselen keurig verpakt in het koelvak van de winkel liggen. De productie van mosselen is eigenlijk geen visserij maar ‘natte landbouw’. Het mosselzaad wordt opgevist door de mosselkwekers en naar mosselpercelen gebracht om verder op te groeien tot consumptiemossel. Tijdens die kweekperiode worden de mosselen nog enkele malen opgevist en naar een ander kweekperceel gebracht. Na 2 jaar worden de mosselen opgevist en naar de mosselveiling in Yerseke gebracht.

Oesters, geen parels voor de zwijnen….

Vers vanuit het zuivere water van de Oosterschelde. Met zorg gesorteerd en verpakt in een mooi spanen mandje. Een pluk zeewier boven op de oesters zorgt dat ze mooi vochtig blijven. Door de speciale kweekmethode zijn de oesters uit deze streek van topkwaliteit. Er zijn twee soorten in de handel: de Zeeuwse wilde oester of creuse genaamd en de Zeeuwse platte oester. De oesters kunnen zowel rauw als gegrild geserveerd worden. Zeeuwse platte oesters hebben van nature zo’n verfijnde smaak dat het zonde is om ze onder de gril te leggen. De platte oesters worden daarom vrijwel altijd rauw gegeten. Koel geserveerd met wat peper en een drupje citroensap zijn ze een ware delicatesse.

Kreeft, mmmm....

Tegenwoordig komt de kreeft voor in de mond van de Westerschelde, in de Oosterschelde en in het Veerse Meer. Kreeftenvisserij is ambachtelijk werk. Fuiken of korven met aas worden door een visser met een klein bootje uitgezet en de volgende dag opgevist. Met wat geluk zitten er dan één of meer kreeften in. Het visseizoen is maar kort, van 1 april tot half juli. Dit is zo geregeld om overbevissing te voorkomen. Kleine kreeften worden voorzichtig weer overboord gezet en ook vrouwtjeskreeften, met eitjes onder het achterlijf worden teruggezet. Daar moeten tenslotte de nieuwe kreeften uit ontstaan.